Literair agent (2)

Terwijl het volgende nummer van De Boekenwereld al in de steigers staat, komen er goede reacties binnen op het themanummer over het literair agentschap in Nederland.

Robertine Romeney woonde namens Boekblad de lancering van het themanummer bij. Haar verslag eindigt aldus: ‘Het archief van literair agentschap Prins & Prins ligt verpakt in 600 mappen in het depot van de Bijzondere Collecties. Studenten van de UvA hebben onder leiding van Lisa Kuitert onderzoek gedaan naar dit agentschap. De Boekenwereld presenteert in het themanummer de fascinerende uitkomst van dit onderzoek.’

In Knack vatte Maarten Dessing de literaire salon, voorafgaand aan de lancering, mooi samen.

Arjan Peters besprak De Boekenwereld voor de Volkskrant: ‘Fascinerend is de briefwisseling tussen Nabokovs zaakwaarneemster, diens alomtegenwoordige vrouw Véra, en Henk Prins, die in 1974 denkt een centje te verdienen door Lolita te slijten aan een boekenclub, zonder mevrouw Nabokov eerst in te lichten. Véra is not amused, en het komt niet meer goed.’

Blogger Sander Bink beschreef naar aanleiding van het themanummer zijn lectuur van De smarten van Satan of de zonderlinge lotgevallen van den millionnair Geoffrey Tempest van de vergeten bestsellerbakker Maria Corelli. In deze roman wordt de schrijvende hoofdpersoon, dankzij bemiddeling van een duivelachtige literair agent, rijk en succesvol.

Literair agent

Het themanummer van De Boekenwereld, dat morgen in een Amsterdamse boekensalon wordt gelanceerd, is zo dik dat de inhoudsopgave amper op een pagina past. Op het scherm is er alle ruimte.

Over literair agenten is in Nederland nooit geschreven. De Boekenwereld brengt daar eindelijk verandering in.

Ik had een goed idee, vond ik zelf, voor een bijdrage aan dit themanummer. De literair agent als personage. Tussen 1974 en 1994 verschenen zeker zeven spionageromans en literaire thrillers met een literair agent als hoofdpersoon. Alle uit het Engels vertaald, natuurlijk.

Zo vindt de agent in Spiegel, spiegel aan de wand van Stanley Ellin in zijn badkamer zomaar het lijk van een onbekende vrouw. In Irvin Shaws Het verleden spreekt wordt de literair agent telefonisch bedreigd: een onheus bejegende auteur? En Tom Sharpe laat in De grote achtervolging zien dat de literaire wereld aan elkaar hangt van corruptie en vriendjespolitiek. De literair agent in dit boek vindt op een goede dag een briljant manuscript van een anonieme auteur op zijn bureau.

Fictie, ja.

Ik heb weer niet veel meer gedaan dan artikelen redigeren, eindnoten herschrijven, catchy titels bedenken en met de allerlaatste drukproef aan het eind van een regenachtige vrijdagmiddag naar de brievenbus rennen.